Een project bestaat uit veel meer dan stenen, asfalt of code. Het bestaat uit gebruik. Mensen die het gebruiken, paden die ze afleggen, momenten waarop het druk is, momenten waarop het stil is, dingen die ze ermee doen waar de ontwerper niet aan had gedacht. Pas in gebruik wordt zichtbaar of een project werkt.
Voor opdrachtgevers, projectontwikkelaars, exploitanten en eindgebruikers is dat ongemakkelijk. Het meeste geld wordt uitgegeven in de bouwfase, terwijl de waarde pas in de gebruiksfase zichtbaar wordt. En dan is bijsturen duur. Een serious game kan dat verschil verkleinen door het gebruik te simuleren voordat het project er staat.
De kloof tussen ontwerp en gebruik
Een ontwerpproces is goed in afmetingen, eisen en functies. Het is minder goed in dagelijkse beleving. Hoe voelt een hal in de avond. Hoe loopt een logistieke stroom als drie partijen tegelijk leveren. Hoe gedraagt een schoolplein zich als de bel gaat. Wat doet een wachtruimte met mensen die al een uur wachten.
Die vragen zijn niet onbelangrijk. Ze bepalen vaak of een gebouw of gebied werkt voor de mensen die het gebruiken. En ze laten zich vooraf alleen beantwoorden door het gebruik te spelen.
Wat een gebruikssimulatie biedt
In een gebruikssimulatie kiest het team een tijdsperiode. Een drukke ochtend, een vrijdagavond, een eerste week na opening, een jaar in de exploitatie. Spelers krijgen rollen die overeenkomen met de werkelijke gebruikersgroepen. Bewoners, bezoekers, medewerkers, leveranciers, beheer, toezicht, bijzondere groepen.
Ze handelen door de gekozen periode heen, in stappen die belangrijke momenten markeren. Daarbij blijken dingen. Een entree die voor twee gebruikersgroepen niet samen werkt. Een wachtsituatie die altijd op één plek ontstaat. Een logistieke route die met een tegenligger vastloopt. Een ruimte die niet gevuld krijgen wat hij moet doen. En soms positief, een onverwachte functie die het ontwerp prima accommodeert.
De observaties uit zo'n sessie gaan terug naar het ontwerp en naar het exploitatieplan. Veel van wat anders in jaar drie van het gebruik wordt opgelost, wordt nu in maand zes van het ontwerp aangepast.
Voor wie deze vorm werkt
Een gebruikssimulatie past bij projectontwikkelaars, vastgoedmanagers, woningcorporaties, opdrachtgevers, exploitanten en eindgebruikers. Vooral in projecten waarin het gebruik complex is, waar veel verschillende groepen samenkomen, of waar de exploitatie kostbaar wordt als het ontwerp niet helpt. Denk aan scholen, ziekenhuizen, stations, sportcomplexen, multifunctionele gebouwen, gemengde gebiedsontwikkelingen en industriële complexen.
Het werkt het beste in de fase tussen voorlopig en definitief ontwerp, maar kan ook in de exploitatievoorbereiding zinvol zijn.
Hoe je begint
Een gebruikssimulatie wordt op maat ontworpen, op basis van het specifieke project. Vaak ontstaat het ontwerp in een samenwerking tussen Waai, het projectteam en een vertegenwoordiging van toekomstige gebruikers.
Lees ook: Een ontwerp beleven met een serious game, Een serious game op maat ontwikkelen en Wat goede serious games gemeen hebben.
Wil je sparren over een lopend project? Neem contact op met Waai.



